Kaestner & von Urach's Genealogische Adelsdatenbank
Sie sind momentan nicht angemeldet (anonymer Benutzer) Anmelden
 

Charlotte Freiin von Asbeck

weiblich 1806 - 1884

StartseiteStartseite    SucheSuche    DruckenDrucken    Anmelden - Benutzer: anonymAnmelden    Lesezeichen hinzufügenLesezeichen hinzufügen

Angaben zur Person    |    Medien    |    Alles    |    PDF

  • Geburt  13 Mrz 1806  Essen Suche alle Personen mit Ereignissen an diesem Ort 
    Geschlecht  weiblich 
    Gestorben  23 Nov 1884  Welda Suche alle Personen mit Ereignissen an diesem Ort 
    Personen-Kennung  I806313A  Superstammbaum
    Zuletzt bearbeitet am  21 Dez 2015 

    Familie  Franz Freiherr von Brackel,   geb. 30 Apr 1790, Welda Suche alle Personen mit Ereignissen an diesem Ort,   gest. 25 Mrz 1873, Welda Suche alle Personen mit Ereignissen an diesem Ort 
    Verheiratet  23 Mrz 1827  Essen Suche alle Personen mit Ereignissen an diesem Ort 
    Kinder 
    >1. Georg Klemens Hugo Freiherr von Brackel,   geb. 3 Aug 1828, Welda Suche alle Personen mit Ereignissen an diesem Ort,   gest. 29 Mrz 1883, Welda Suche alle Personen mit Ereignissen an diesem Ort
    Zuletzt bearbeitet am  21 Dez 2015 
    Familien-Kennung  F827323B  Familienblatt

  • Alben  Asbeck (1)
    »Asbeck. Protestant. - Huis Asbecke in Munster. - De geregelde stamreeks von dit geslacht, hetwelk reeds in de 12e eeuw wordt vermeld, vangt aan met Dietrich von Asbeck, die voorkomt in 1338 en gehuwd was met Bliedeken von Gohr. Bij besl. d.d. 28 Aug. 1814, n° 14 werd Gerrit Ferdinand van Asbeck benoemd onder de Edelen van Friesland. Bij besl. d.d. 28 Aug. 1814, n° 14 werd Mr. Balthasar George Joost van Asbeck, heer van Luillema benoemd in de ridderschap van Groningen. Bij K. B. d.d. 12 Juni 1821, n° 36 werd voor Gerrit Ferdinand van Asbeck zu Bergen und Munsterhausen en zijne wettige afstammelingen erkend de hun competeerende titel van baron en barones. Wapen: In een zilveren schild, met goud omboord, twee schuinrechtsche rijen roode ruiten, alle aanstootende en aaneengesloten, de eerste rij van zes stukken, de tweede rij van drie geheele stukken en een half stuk, hetwelk het onderste is. Gekroonde helm met goud-roode dekkleeden. Aan het halssnoer hangt in plaats van een medaillon, een ruitvormig gouden sieraad met knoppen aan de hoeken. Helmteeken: een rechtop geplaatste, met zilver bekleede voorarm, de hand in natuurlijke kleur een pauwestaart in natuurlijke kleur rechtop houdende.« (S. 54, Nederland's Adelsboek, 10. Jg. 1912)